|
Klein Vaarbewijs onder de loep
De minister van Infrastructuur en Waterstaat heeft de Tweede Kamer geïnformeerd over de uitkomsten van het onderzoek naar het Klein Vaarbewijs (KVB). Aanleiding voor dit onderzoek zijn de veranderingen op het water en de vraag of het huidige vaarbewijs nog past bij de praktijk van vandaag. Het beeld dat uit het onderzoek naar voren komt, is genuanceerd. De drukte op het water laat zich niet eenduidig aantonen, maar het verkeersbeeld verandert wel. Er zijn meer recreanten, de samenstelling van de vloot verschuift en de beroepsvaart wordt groter. Tegelijkertijd is er een stijgende lijn in het aantal ongevallen waarbij pleziervaart betrokken is, vooral eenzijdige ongevallen zonder duidelijke directe oorzaak. Kloof tussen theorie en praktijkEen belangrijke conclusie uit het onderzoek is dat het Klein Vaarbewijs in zijn huidige vorm volgens veel gebruikers onvoldoende aansluit op de praktijk. Zowel pleziervaarders als beroepsschippers zien het vaarbewijs als een goede basis, maar niet als een garantie dat iemand ook daadwerkelijk veilig kan varen. Uit de consultaties blijkt dat veel schippers het gedrag en de kennis van andere vaarweggebruikers als risicofactor zien. Tegelijkertijd vindt een meerderheid dat het huidige examen te theoretisch is en meer gericht zou moeten zijn op praktische situaties. Daarbij moet wel worden aangetekend dat deze uitkomsten vooral gebaseerd zijn op meningen en ervaringen van gebruikers. Het onderzoek zelf stelt expliciet dat hiermee geen direct verband kan worden gelegd tussen het bezit van een vaarbewijs en het aantal ongevallen. Meer praktijkgericht opleidenZowel uit het marktonderzoek als uit gesprekken met stakeholders komt een duidelijke richting naar voren: het vaarbewijs moet meer op de praktijk gericht worden. Dat betekent onder meer:
- meer nadruk op inzicht en toepassing van regels
- meer aandacht voor reisvoorbereiding en risicobeoordeling
- beter omgaan met drukte en interactie met beroepsvaart
Over de manier waarop dat moet gebeuren, lopen de meningen uiteen. Vooral vanuit de beroepsvaart wordt gepleit voor een praktijkexamen. Opleiders en belangenorganisaties wijzen juist op de praktische bezwaren daarvan, zoals kosten, uitvoerbaarheid en het risico dat de drempel om een vaarbewijs te halen te hoog wordt. Minister kiest voor beperkte aanpassingDe minister neemt een aantal conclusies uit het onderzoek over, maar kiest nadrukkelijk niet voor ingrijpende veranderingen. Er komt:
- geen verplicht praktijkexamen voor het Klein Vaarbewijs
- geen uitbreiding van de vaarbewijsplicht naar meer typen schepen
- geen invoering van een vaarbewijsplicht op specifieke vaarwegen
Volgens het ministerie is er onvoldoende bewijs dat dergelijke maatregelen daadwerkelijk leiden tot meer veiligheid op het water. Daarnaast spelen praktische bezwaren een belangrijke rol, zoals handhaafbaarheid en uitvoeringskosten. Wat wel wordt opgepakt:
- het theorie-examen wordt meer op de praktijk gericht
- er komt meer aandacht voor voorlichting en gedrag op het water
- er wordt wel gekeken naar aanvullende eisen voor snelvarende recreatievaart, omdat daar relatief veel incidenten plaatsvinden
Rol van gedrag en ervaringOpvallend in het onderzoek is dat veel oorzaken van ongevallen niet direct te herleiden zijn tot het ontbreken van een vaarbewijs, maar eerder tot factoren zoals:
- gebrekkige voorbereiding
- onvoldoende ervaring
- verkeerd inschatten van situaties
- technisch falen of onderhoud
Daarmee verschuift de discussie deels van regels naar gedrag en vaardigheden. Belanghebbenden benadrukken dat goed zeemanschap en ervaring op het water minstens zo belangrijk zijn als theoretische kennis. Kritiek en discussieDe keuze om geen praktijkexamen in te voeren, ligt gevoelig. Vanuit de beroepsvaart wordt al langer gepleit voor strengere eisen, juist vanwege de toenemende drukte en verschillen in vaardigheid op het water. In de sector wordt dan ook kritisch gereageerd op het besluit om daar nu niet toe over te gaan. Tegelijkertijd is er bij andere partijen juist zorg dat strengere eisen de toegankelijkheid van de watersport beperken, zonder dat duidelijk is of de veiligheid daarmee daadwerkelijk verbetert. VervolgDe minister ziet het onderzoek als een tussenstap. Verdere besluitvorming wordt mede gebaseerd op aanvullend onderzoek, onder andere naar ongevallen en de rol van snelvarende recreatievaart. De Tweede Kamer moet zich nog over de uitkomsten buigen. Daarmee is de discussie over de toekomst van het Klein Vaarbewijs nog niet afgerond. De Vaarwijzer Nieuwsbrief blijft dit nauwgezet voor u volgen en zal daar met regelmaat verslag van doen. |
Zeer interessant uw discussie betreffende het vaarbewijs, maar zoals bv in de Biesbosch mag schijnbaar iedereen die nog nooit gevaren heeft, een bootje huren, met alle gevolgen van dien. Verhalen genoeg elk weekend opnieuw.
BeantwoordenVerwijderenDank voor uw reactie. De minister is duidelijk; er komt wat hem betreft in Nederland geen uitbreiding van de vaarbewijsplicht.
Verwijderen